Henk038

Posts Tagged ‘Sterfbed’

Je hebt ons lelijk laten zitten

In afscheid, Familie, Kinderen, Memories, Ouders, Overlijden on september 28, 2017 at 6:01 pm

Donderdagmiddag, in het Hospice. Je had een goede, heldere dag. Wat fijn was dat. Je lachte naar mij en je zei “ik heb je lelijk laten zitten hè?”. Ja, dat heb je zeker. Dat heb je zeker! Ik lachte terug en we raakten elkaar aan. Onze laatste glimlach samen.

Derk. Mijn schoonvader. Maar zo noemde ik jou nooit. Gewoon Derk. Mooie, lieve kerel. In onze bijna 35 jaar samen geen enkele keer ruzie. Bijna 35 jaar geleden moest jij lachen toen je mij zag aankomen in Kloosterhaar. Een jongen uit Bergentheim op een oude brommer. Bergentheim! Een dorp waar jij natuurlijk nog geen paar oude klompen wilde hebben staan. Wat moest jouw dochter nu toch met zo’n jongen?

Maar ja. Deze jongen bleef. Hij ging niet meer weg. Hij moest lachten om jouw flauwe grappen en jij om die van hem. Bijna 35 jaar hebben we elkaar gekend. Het laatste jaar zagen we elkaar extra vaak. Samen praten of samen zwijgen. Konden we allebei.

De laatste week was heel bijzonder. Op maandag was je opeens zo broos en bleek. Op woensdag was je er plotseling bijna niet meer. Je hoofd was de weg kwijt. Je lichaam gaf het bijna op. Urenlang zaten we samen op jouw kamer. Stoel naast stoel. Hand in hand. Die grote hand van jou wilde maar niet warm worden. Pas na 2 uur vasthouden kwam de warmte terug. Je sloeg je ogen open en keek verward naar onze handen. Plotseling zei je “zo, nu heb ik jou lang genoeg gefeliciteerd”. Ondanks alles moest ik toch even lachen.

Daarna dommelde je in. Je sliep tot donderdagochtend en werd toch weer wakker! Die donderdag was prachtig mooi. Het fijnste cadeau dat we konden wensen. Je kon naar het Hospice! Je had een heldere dag! Je sprak met ons allemaal. Van de drukte en de zorgen in het verzorgingstehuis naar de rust en de liefdevolle zorg in het Hospice. Je wist wat daarna kwam en daar had je vrede mee. Wij ook Derk. Wij ook.

Eigenlijk was dat ons afscheid. Daar in bed, die donderdag in Hospice Eesinge in Meppel. Niet die zaterdagochtend toen je overleed. Toen was de echte Derk al weg. Die donderdagmiddag fluisterde ik jou nog even iets toe. Dat ik toch zó had gehoopt om binnenkort weer voor jou te koken. Bij ons in Zwolle. Jou lekker te zien eten en te zien genieten bij ons aan tafel. Je keek mij glimlachend aan en zei “ik heb je lelijk laten zitten hè?”. Onze laatste lach samen. Die hou ik vast.

Je laat ons lelijk zitten, Derk. Dat doe je zeker. Je laat ons zitten met bakken vol mooie herinneringen. Met een warme glimlach zodra we aan jou denken. Je hebt het goed gedaan, Derk. Jouw dochters hebben jou vol liefde losgelaten. Jij hebt ons vol vertrouwen losgelaten. Vandaag was jouw begrafenis. Dag Derk

Advertenties

Sterfbed 

In afscheid, Familie, Kinderen, Memories, natuur, Overlijden, wandelen on december 4, 2016 at 9:21 pm

Zaterdag was ik bij een afscheidsdienst in de kerk met daarna de begrafenis. Een mooie dienst waarin op een warme manier afscheid werd genomen. Met mooi live gezongen muziek van Bach en echte woorden. Het was een lange dienst. Dat is helemaal niet erg wat mij betreft. Begrafenissen en afscheidsdiensten zijn er voor het hier en nu. Om goed afscheid te nemen en steun te vinden. Maar ze zijn er wat mij betreft ook om in alle rust terug te kunnen denken. Terugdenken aan sterfgevallen en afscheidsdiensten in je eigen leven.

Majestueus zonlicht in Het Engelse Werk Zwolle

Het terugblikken werd gisteren opeens heel scherp bij een gedicht dat werd aangehaald tijdens de dienst. Het mooie gedicht “sterfbed” van Jean Pierre Rawie. Rauw en intens raakt het de essentie van het moment. Het gedicht beschrijft exact hoe het was toen ik bij mijn vader aan zijn sterfbed zat. Dat was in 1983. Hij was 63, ik was 18. Hij kon niet meer praten. Ik wist niet meer wat ik moest zeggen. Maar we hielden elkaars hand vast. Heel hard vast.

Schellerdijk Zwolle, zondagochtend vroeg

We keken elkaar aan.. zijn ogen rolden af en toe en keken me steeds vaker getergd en heel indringend aan. Alsof hij zelf niet goed begreep hoe hij in deze slechte film terecht gekomen was. Alsof hij zelf niet goed kon begrijpen waarom praten niet meer lukte. Alsof hij met zijn ogen en handen wilde zeggen wat hij niet meer kon zeggen. Machteloos en wanhopig. De woorden in zijn hoofd kwamen niet meer over zijn lippen. Het was pijnlijk om te zien. Pijnlijk om zijn pijn te voelen.

Sterfbed, Jean Pierre Rawie [onmogelijk geluk, 1992]


Ik weet zeker dat mijn vader echt wel wist dat ik van hem hield. Ik weet ook zeker dat hij echt van mij hield. Maar praten daarover? Dat deed je niet. Dat doe ik nu als papa met mijn kids anders. Fijn om uit te spreken. Zo vaak ik kan: “Ik hou van je – precies zoals je bent”. Het zijn nu andere tijden dan toen ik jong was.

Vandaag liep ik al vroeg in mijn eentje vier uur lang te wandelen. Ik had geen muziek op mijn oren of gezelschap om mij heen nodig. Soms staarde ik naar de horizon. Soms keek ik naar het bevroren rijp en het mooie zonlicht. Dan weer ging mijn blik naar binnen. In m’n hoofd zat genoeg. Genoeg om over na te denken, om over te peinzen, om op te kauwen.

Rijp in de uiterwaarden van de IJssel bij Zwolle

Ik heb vandaag vaak en veel aan mijn vader gedacht. Ik zal hem nooit vergeten. Als hij niet in 1983 gestorven was, dan zou hij over een paar dagen 98 worden. Maar zover zal het nooit komen. Ik heb vandaag vaak en veel aan dit gedicht gedacht. Ik zal het nooit vergeten. Sterfbed

** Henk Boshove | 4 december 2016 | Een “Papa Blogt Op Zondag” blog | Elke zondagavond online **

Een heerlijke lach en een warme traan

In Familie, Kinderen, Memories, verwonderen on februari 2, 2014 at 6:33 am

De week van de poëzie. Normaal heb ik daar niet zo heel veel mee. Dat is er uit geslagen op het VWO, met dorre oude, saaie gedichten. Dit jaar heb ik er raar genoeg wel wat mee. Ik heb er zelfs om zitten janken en hard om gelachen. Tsja, het kan verkeren.

Gisteravond vertelde mijn dochter verbaasd, verwonderd en lachend dat ze maandag naar theater Odeon gaat in plaats van naar school. Bij het vak Nederlands moesten alle derdeklassers een tijdje geleden een gedicht schrijven voor de week van de poëzie. Daar hadden die pubers natuurlijk in eerste instantie weinig trek in. Toch gedicht geschreven en tot haar verbazing is het ook nog eens geselecteerd! Ik heb er samen met haar hard om gelachen. Maar eerlijk is eerlijk, ook ik vind het een mooi gedicht. Geen idee hoe ze dat zo bedacht heeft.

Maandag gaat ze het voordragen op toneel in theater Odeon. Daar vindt de voorronde van de “VERS PoëzieRevue” plaats. Per regio worden de beste gedichten door kids zelf voorgedragen (voorrondes in Amsterdam, Antwerpen, Nijmegen, Sneek, Rotterdam, Hengelo en Zwolle). Kijk voor info op school der poëzie. Het is een hele happening met een professionele jury. De winnaars gaan door naar de landelijke finale. Dat omgaan met gedichten doen ze tegenwoordig toch een stuk leuker dan toen ik op school zat.

20140202-080858.jpg

Ik zou haar maandag wel willen zien. Stiekem vanuit de coulissen. Zonder dat ze het weet stilletjes kijken hoe ze dat doet. Stoer en vol bravoure omdat het toch maar als een geintje begon? Zenuwachtig daar in de spotlights op het podium? Serieus haar beste beentje voor omdat ze het stiekem toch wel leuk en mooi vindt dat haar gedicht is uitgekozen? We’ll see…

Dat was het lach gedeelte van de week van de poëzie. Vanochtend vroeg zag ik op social media een link naar een opname van Eric Corton. Ik vind de muziek die Eric aanbeveelt meestal wel lekker (zware gitaren!) maar nu had ‘ie iets anders. Hij draagt een gedicht voor vanwege de week van de poëzie. En wat kiest hij? “Sterfbed” van Jean Pierre Rawie. Pffff… Ook zwaar.

Het gedicht van Jean Pierre Rawie gaat over een stervende vader. Het indringend gedicht bracht me ogenblikkelijk terug naar hoe machteloos ik als jochie aan het sterfbed stond van mijn eigen vader. Ook al is dat al meer dan dertig jaar geleden, vergeten doe je zoiets niet. Gelukkig maar. Ook pijnlijke herinneringen zijn mooi. Deze zeker.

Het sterfbed van mijn vader. Meer dan dertig jaar geleden. De tekst van het gedicht sluit één op één aan op mijn eigen herinneringen. Ik was er even helemaal stil van. Zijn hand vasthouden was de enige manier om met hem te communiceren de laatste dagen. Wat hebben we samen vastgehouden en samen geknepen in elkaars handen. Praten kon hij niet meer. Zijn hand en vooral de blik in zijn ogen vergeet ik nooit meer. Als ik er aan terugdenk schieten de tranen mij weer in de ogen.

Huilen, lachen en verwonderen in nog geen twaalf uur tijd om de week van de poëzie. “Poëzie… Zo gek nog nie” zou Herman Finkers zeggen. Inderdaad.

Poëzie. Ik heb er normaal niet zo veel mee. Maar het heeft toch maar mooi voor een heerlijke lach en een warme traan gezorgd!

%d bloggers liken dit: